BP trekt zich niks aan van verbod en sproeit gewoon door met kankerverwekkend gif

Door community (initieel P.uncia), Op din 25 mei 2010 14:09, nieuws


Afgelopen week gaf de Amerikaanse milieubeschermingsdienst EPA olieconcern BP een ultimatum om te stoppen met het besproeien van de olievlek in de Golf van Mexico met het uiterst giftige en kankerverwekkende Corexit. Dat ultimatum is zondagavond afgelopen, maar BP trekt zich daar niks van aan en sproeit gewoon door. Jean-Michel Cousteau waarschuwt ondertussen dat de ramp zwaar onderschat wordt en dat de gevolgen merkbaar zullen zijn tot in Europa en zelfs tot aan de noordpool. Hij heeft het over een catastrofe die niet alleen de natuur "tientallen jaren" zal teisteren, maar die ook tienduizenden jobs gaat kosten.

Volgens BP zijn er geen alternatieven voor Corexit, en het vecht de door Obama-administratie opgelegde verbod aan met een 12-pagina's tellend juridisch document. De firma heeft commerciële banden met Nalco, de makers van Corexit. Het verdiende al meer dan 40 miljoen aan het gebruiken van het verdunningsmiddel bij het bestrijden van de olieramp in de Golf.

Corexit is in veel landen verboden, wegens aangetoond dat het kankerverwekkend, mutagenetisch (het verandert de genen van een organisme, of, om het simpel te stellen leidt tot mutaties bij vissen en zeedieren inclusief koralen) en het is bijzonder toxisch. Er zijn op z'n minst 12 andere middelen die veel effectiever en veiliger zijn.

Beurswaarde -25 procent

BP, dat ondertussen al 25 procent van z'n beurswaarde zag verdwijnen sinds de ramp, heeft er alle belang bij dat naar de buitenwereld toe zo weinig mogelijk te zien valt over de ware schade die de ramp aanricht. Corexit is op dat gebied handig. Het lost de olie niet op, maar "breekt" die. Lees: het vermindert de kans van storende plaatjes van een dikke oliepasta die de kusten en de daar levende dieren versmacht. Het maakt de olie geenszins minder vervuilend, het ziet er alleen beter uit.

Catastrofe

De gevolgen van de olieramp in de Golf van Mexico zullen tientallen jaren aanslepen en gaan gevoeld worden tot in Europa en zelfs aan de noordpool. Marine-bioloog Jean-Michel Cousteau spreekt van de grootste milieuramp ooit, en waarschuwt dat er tienduizenden jobs zullen verloren gaan door de gevolgen van de olievlek.

"BP, de overheid en veel media liegen tegen het publiek over de ernst van de situatie", aldus Cousteau. "De gevolgen zijn catastrofisch. De hele onderwater-voedselketen, niet alleen in de Golf van Mexico, maar ook in de Caraïben en tot in Europa, zal jarenlang de gevolgen dragen."

Alaska

Cousteau merkt op dat er elke vier à vijf dagen, nu al een maand lang, een hoeveelheid olie lekt die equivalent is met wat de Exxon Valdez in Alaska verloor. "Zelfs nu, 21 jaar later, zijn de gevolgen daar nog hallucinant", aldus Cousteau. "Aan de oppervlakte lijkt alles in orde, maar als je er een spade in de grond steekt, stoot je meteen op een laag olie en op de stranden van Prince William Sound spoelt nog regelmatig olie aan."

25 miljoen trekvogels

Bij de ramp met de Exxon Valdeze stierven 600.000 vogels, een ontelbaar aantal vissen en duizenden zee-otters en andere zeezoogdieren. Volgens natuurbeschermers zal de tol nog veel hoger komen te liggen in de Golf van Mexico. Eén van de problemen daarbij is dat we nooit echt gaan weten hoe hoog. Want doordat het lek op 70 kilometer van de kust ligt, zinken de meeste getroffen dieren gewoon naar de bodem.

In de getroffen regio passeren tijdens het migratieseizoen dagelijks tot 25 miljoen trekvogels, waaronder 110 soorten neo-tropische zangvogels, bijvoorbeeld. Ook voor de meeste ganzen en eenden op het Noord-Amerikaanse continent is de streek van levensbelang.

110 km kustlijn om zeep

De jongste dagen is de olie ook beginnen aanspoelen. Ondertussen is volgens Bobby Jindal, de gouverneur van Louisiana, al 110 kilometer kustlijn bedoezeld met olie. BP is een charmeoffensief gestart. "Ik kan u verzekeren dat wij hier voor lange tijd zijn. Wij gaan elke druppel olie aan de kust opruimen," zei algemeen directeur Tony Hayward op een persconferentie in Port Fourchon in Louisiana.

De stranden van Port Fourchon zijn al flink vervuild door de olie die vrijkomt uit het gezonken boorplatform Deepwater Horizon. Hayward zei "diep geschokt" te zijn, en erkent dat de milieuramp de reputatie van zijn bedrijf ernstig aantast. "Het is duidelijk dat BP geconfronteerd wordt met een serieus imagoprobleem". Het bedrijf wordt ervan beschuldigd de waarheid te verdraaien over de liters olie die elke dag in zee stromen.

Topkill

BP herhaalde dat het onderzoekt om het olielek te dichten met cement. De operatie zou morgen van start kunnen gaan, een dag later dan eerst aangekondigd. Hayward schat de kans op succes op 60% à 70%.

Maar ondanks de "goede bedoelingen" van BP, komen er elke dag berichten binnen die de vragen doen rijzen over de echte intenties van het bedrijf. Eerst was er chantage van vissers die wilden helpen bij de opkuis - ze moesten een papier tekenen dat ze nooit schadeclaims tegen BP omtrent de ramp zouden indienen. Nu blijkt dat het laboratorium waar alle samples die plaatselijke mandatarissen van de milieudiensten van de overheid nemen om aan te tonen hoe verontreinigd het water is, worden uitgevoerd door een bedrijf dat als grootste klant, u raadt het, BP heeft.

Draaideur

Het is maar één voorbeeld van wat de "draaideur" tussen de Amerikaanse overheid en de petroleumindustrie wordt genoemd. Sylvia Baca, deputy assistant secretary van de Minerals Management Service, het overheidsbureau dat offshore drilling reglementeert en toekijkt op de naleving van die reglementen, en nu dus ook BP op de vingers moet kijken bij de ramp in de Golf, blijkt daarvoor acht jaar voor BP te hebben gewerkt.

Alleen BP mag dieren redden

Nog zo'n mooie: dierenorganisaties en vrijwilligers die willen helpen om door de olie getroffen beestjes te helpen, hebben van de overheid te horen gekregen dat ze dat niet mogen. Want, zegt de overheid, BP moet dat betalen, maar dat impliceert wel dat BP zelf mag kiezen welk "bedrijf" het daar voor inzet.

Hier zitten twee zaken achter. Eén: de schadevergoeding die BP te wachten staat, wordt voor een groot deel berekend op hoeveel dieren zijn gestorven. Het bedrijf heeft er dus alle belang bij dat zaakje in de hand te houden. Twee: de Oil Pollution Act van 1990. Die stelde na de Exxon Valdez-ramp dat de vervuiler verantwoordelijk is voor het opkuisen.

Informatie, BP-style

Alle informatie die vanuit officiële kanalen bekend gemaakt wordt over de ramp, gaat overigens via het Joint Information Center (JFI), een zogezegd door de overheid opgericht initiatief. Van daaruit komen bijvoorbeeld alle officiële persberichten van de ramp. De locatie van dat centrum is in Robert, Louisiana, in een conference center dat eigendom blijkt van BP. 10 van de 65 mensen die werken in het JFI staan ook op de payroll van BP.

Hulp voor vissers

De Amerikaanse regering heeft voor de visserij de staten Alabama, Louisiana en Mississippi tot rampgebied verklaard. Die maatregel maakt het mogelijk federale hulp te bieden aan de vissers en andere partijen die afhankelijk zijn van de visserij.
Annotaties:
| #104493 | 25-05-2010 15:27 | Patman

In a recent New York Times’ article “Less Toxic Dispersants Lose Out in BP Oil Spill Cleanup”, journalist Paula Quinlan questions why BP is using the 100 % toxic, 54 percent effective dispersant Corexit to clean up the oil when twelve other dispersants proved more effective in EPA testing.

BP spokesman Jon Pack defended the use of Corexit, which he said was decided in consultation with EPA. He called Corexit "pretty effective" and said the product had been "rigorously tested."

"I'm not sure about the others," Pack said. "This has been used by a number of major companies as an effective, low-toxicity dispersant."

BP is not considering or testing other dispersants because the company's attention is focused on plugging the leak and otherwise containing the spill, Pack said. "That has to be our primary focus right now," he said.

Nalco spokesman Charlie Pajor said the decision on what to use was out of his company's hands. He also declined to comment on EPA comparison tests, saying only that lab conditions cannot necessarily replicate those in the field. "The decision about what's used is made by others -- not by us," he said.

Quinlan only looks at part of the picture. She associates BP’s investment in Nalco and oil industry representation on the board as the main reasons that Corexit was used instead of Dispirsit, which EPA testing shows to be twice as effective and a third less toxic. Yes, BP is hedging its losses with the profit it will make with its investment in Nalco, but who else benefits?

Follow the money...and the money goes to Goldman Sachs and friends. Instead, Quinlan (or her editor) goes after Exxon.

Critics say Nalco, which formed a joint venture company with Exxon Chemical in 1994, boasts oil-industry insiders on its board of directors and among its executives, including an 11-year board member at BP and a top Exxon executive who spent 43 years with the oil giant.

"It's a chemical that the oil industry makes to sell to itself, basically," said Richard Charter, a senior policy adviser for Defenders of Wildlife.

In defense of the oil industry, it makes financial sense that Exxon and BP were the initial investors in this type of dispersant. It’s not surprising that oil executives sit on the board. I am not defending the toxicity of their product, the integrity of their board members or the likely Halliburton-stye billing process that will kick in when BP decides it is no longer responsible for the impact of the “very, very modest” oil blowout that is already twice as large as Exxon-Valdez and is far more devastating economically and let the bankrupt US Treasury cover the bills. (To be fair, BP has accepted full responsibility and within days of the accident and without a court order, BP gave the states of Louisiana, Florida, Alabama and Mississippi each $25 million to help with the immediate damage.)

But BP’s investment in Nalco is the token diversion. The real players are Goldman Sachs and their fellow Sexually Inadequate Masters of the Universe, the Blackstone Group and Apollo Management.
Patman's avatar
| #104494 | 25-05-2010 15:52 | tunnelforce9
And the Thriller continues ..
tunnelforce9's avatar
| #104499 | 25-05-2010 16:13 | wingload
"The decision about what's used is made by others -- not by us," said Nalco spokesman Charlie Pajor.
People kill people, not guns. Nalco, the people who brought us leaded gasoline.
(Je bent niet ingelogd, je reactie zal 'ingeklapt' worden getoond...)
Reageer

*naam:

Email:

Email mij bij reacties

RSS-feed van reacties

*Laat zien dat je geen spambot bent door dit woord te typen:

opmaken van je reactietekst
niemands avatar
Twitter-feed van top-artikelen