Door community (initieel Best Well), Op vri 26 jan 2018 14:22, 0 reacties, nieuws

FISA-memo:Grootste politieke schandaal uit de Amerikaanse geschiedenis

We hebben al een paar dagen geschreven over de Nunes Memo, en hebben besloten er een afzonderlijk dossier van te maken omdat we de komende tijd nog veel meer onthullingen verwachten. Vandaar dit “eerste” verhaal in een nieuwe reeks.
Vandaag een artikel over hoe de contraspionagedivisie van de FBI en de nationale veiligheidsdivisie van het Amerikaanse ministerie van justitie te werk gingen. Het is het verhaal van Devin Nunes en is samengesteld op basis van wat wij als reëel en waarschijnlijk achten… op basis van onze research.

De links georiënteerde “journalisten” in ons land zijn niet geïnteresseerd in wat het grootste politieke schandaal uit de Amerikaanse geschiedenis lijkt te worden.

Het verhaal over hoe een paar mensen de Verenigde Staten als constitutionele republiek van de ondergsng redden…

Om dit verhaal goed te kunnen begrijpen – en we gaan behoorlijk de diepte in bij de Amerikaanse inlichtingendiensten – moeten we er eerst even een afkorting tegenaan gooien: “SCIF” ofwel een Sensitive Compartmented Information Facility.

We gaan het woord “compartmented” even verduidelijken – om het grote plaatje beter te kunnen begrijpen.

De compartimenten van de Amerikaanse inlichtingendiensten
Informatie van inlichtingendiensten is in de VS ondergebracht in compartimenten binnen het grotere netwerk van de inlichtingengemeenschap. Elke inlichtingen-eenheid bevat verkregen informatie die uniek is voor dat compartiment en taak. De FBI-contraspionage-eenheid bevat informatie die specifiek is voor haar taak of opdracht; de Nationale Veiligheidsdivisie van het ministerie van justitie (DOJ) heeft zo ook haar eigen gecompartimenteerde informatie afgeschermd; nogmaals, specifiek voor haar taak en doelstellingen. Datzelfde geldt ook voor het ministerie van defensie (DoD – inclusief Pentagon), en bijvoorbeeld de CIA.

Deze structuur van compartimenten, waarbij ieder zijn eigen informatie heeft afgeschermd voor derden, heeft geleid tot het Office of the Director of National Intelligence, kortweg ODNI. Dat is in het leven geroepen door de 911-commissie, die voorstelde het bureau een coördinerende rol te geven, waardoor het mogelijk zou moeten zijn inlichtingeninformatie te delen; de bedoeling was dus dat inlichtingeninformatie niet met opzet zou worden achtergehouden als andere compartimenten die informatie nodig hadden.

In 2016 was het hoofd van ODNI (voor president Obama) James Clapper – over hem later meer.

Het lijkt vrijwel zeker dat de 911-commissie nooit gedacht heeft dat inlichtingeninformatie ook misbruikt zou kunnen worden als politiek wapen. De DNI is een politiek instituut, een kabinetslid, van de president. Als de uitvoerende macht, de president, de informatie van inlichtingendiensten als een politiek wapen wilde gebruiken dan zou hij/zij controle hebben over een dergelijke bewapening als een uitkomst van politieke aangestelden binnen de: FBI (Comey, McCabe), DOJ (Lynch/Yates), CIA (Brennan), DNI (Clapper), ohf het DoD (Ash Carter), etc.

Het civiele (representatieve) toezicht over de “compartmented intelligence” berust bij een groep uitverkorenen, beter bekend als de Bende van Acht (van de inlichtingendiensten).

Vier Republikeinen en vier Democaten (vier politieke kopstukken van beide partijen) maken samen acht. Vier van het Huis van Afgevaardigden en vier van de Senaat. De Bende van Acht kan, als ze dat willen, communiceren met het intelligentieproduct binnen hetzelfde beveiligingsniveau als het compartiment dat wordt beoordeeld. Alleen deze acht personen kunnen dat, en het zorgt ervoor dat zij het toezicht goed kunnen uitvoeren.

Het is belangrijk het verschil te begrijpen tussen het House Intelligence Committee, het Senate Intelligence Committee en de Bende van Acht. Alleen twee leden van het House Intelligence Committee (voorzitter en minderheid), en twee leden van het Senate Intelligence Committee (voorzitter en vice-voorzitter) zijn deelnemers. De andere vier zijn Speaker of the House, de leider van de minderheid in het Huis van Afgevaardigden, de leider van de Senaat en de leider van de minderheid in de Senaat. Deze laatste vier maken geen deel uit van welk ander inlichtingencomité dan ook.

Op 20 maart 2017 vroeg het Congres aan James Comey waarom de directeur van de FBI het Congresoverleg over de contraspionagedienst, dat in juli 2016 was begonnen, niet had geïnformeerd. FBI directeur Comey zei dat hij daarover geen informatie had verstrekt (dus over een onderzoek naar Donald Trump) omdat de directeur van de contraspionagedienst had voorgesteld dat niet te doen.

Dit is een erg belangrijk detail dat we even moeten onthouden.

Opvallend is dat Comey niet de werkelijke naam van de directeur van de FBI contraspionagedienst, W.H. “Bill” Priestap, gebruikte, maar het over zijn functie en titel heeft. Kijk even naar de eerste drie minuten:


Rep. Elise Stefanik asks questions at Comey hearing


FBI-directeur James Comey was volledig verrast door de vraag, gedurende die eerste drie minuten van die ondervraging. Hij had het gewoon niet verwacht.

Het toezichtsprotocol schrijft voor dat de FBI-directeur de congresinformatie “Bende van Acht” vertelt over eventuele contraspionageoperaties. De Bende van Acht voert toezicht uit op deze operaties op het hoogste niveau van classificatie. In juli 2016, de tijd dat de operatie begon, was het toezicht de verantwoordelijkheid van deze groep, de Bende van Acht:



Het is duidelijk dat, op basis van wat we sinds maart 2017 hebben geleerd en wat er recentelijk is opgedoken, we allemaal kunnen zien waarom de FBI het geheim wilde houden, nl. dat ze contraspionage-activiteiten tegen een presidentskandidaat voerden. Immers, zoals FBI-agent Peter Strzok het in zijn sms-berichten zei, het was een “verzekeringspolis”.

Belangrijk om te onthouden – FBI agent Strzok vertelt tegen FBI advocaat Page:



Het agentschap van de oorspronkelijke inlichtingendienst, in deze voorbeelden de nationale veiligheidsdivisie van het ministerie van justitie (DoJ) en / of de FBI contraspionagedienst, houdt de zelf verkregen informatie die zij in hun SCIF creëren. Ze ontvangen mogelijk ook geheime producten die voor hen zijn gemaakt en die ze ook zullen beheren in hun unieke SCIF. Dus: de inlichtingeninformatie is in compartimenten verdeeld.

In 2015 blokkeerde Sally Yates elk toezicht van de inspecteur-generaal van de nationale veiligheidsdivisie van het ministerie van justitie. Het kantoor van inspecteur-generaal, Michael Horowitz, vroeg om toezicht op de nationale veiligheidsafdeling van het DOJ en het was Sally Yates die reageerde met een lange juridische verklaring van 58 bladzijden, wat in wezen neerkwam op “nee – niet toegestaan”. (PDF hier)

Alles van het DOJ is onderworpen aan toezicht, behalve de NSD.

Het Witte Huis – de uitvoerende macht – is ook een plek voor informatie van inlichtingendiensten en dus heeft het Witte Huis óók een eigen SCIF, waarin opgenomen inlichtingenproducten die zij zelf maakt (wat niet veel is), of inlichtingenproducten die voor haar gemaakt zijn (wat het merendeel is).

Een voorbeeld van een product dat voor de uitvoerende macht gemaakt is, is de dagelijkse briefing voor de president, de President’s Daily Briefing (PDB).

De PDB als geheel zou alleen moeten bestaan in het SCIF van het Witte Huis. Onderdelen van de PDB moeten dan worden beheerd door de betreffende deelnemers, bijvoorbeeld de NSA, FBI, DOJ, DoD, CIAl, etc., maar alleen het Witte Huis heeft de beschikking over het totale (gecombineerde) product, het is tenslotte gemaakt voor uitsluitend de president.

Als je de “toezicht” -structuur voegt bij het begrip “Compartmented intelligence security” dan moet het zo zijn dat slechts een klein aantal mensen toegang heeft tot het volledige PDB. Maar onder president Obama werd de President’s Daily Brief toegankelijk gemaakt voor bijna iedereen op de hoogste niveau’s binnen de administratie.

Voor wat betreft de Obama PDB:

[…] But while through most of its history the document has been marked “For the President’s Eyes Only,” the PDB has never gone to the president alone. The most restricted dissemination was in the early 1970s, when the book went only to President Richard Nixon and Henry Kissinger, who was dual-hatted as national security adviser and secretary of state.

In other administrations, the circle of readers has also included the vice president, the secretary of defense and the chairman of the Joint Chiefs of Staff, along with additional White House staffers.

By 2013, Obama’s PDB was making its way to more than 30 recipients, including the president’s top strategic communications aide and speechwriter, and deputy secretaries of national security departments.

Let op die laatste alinea. Volgens de Washington Post ging Obama’s PDB’s naar meer dan 30 ontvangers inclusief “plaatsvervangende secretarissen van nationale veiligheidsdiensten”.

Tijdens een interview voor MSNBC over het ontmaskeren van Amerikaanse burgers in veiligheidsrapporten, verklaarde de Nationale Veiligheidsadviseur van president Obama, Susan Rice, in april 2017 dat de nationale veiligheidsafdelingen van Obama ook “Binnenlandse Zaken” en “Defensie” (Pentagon incl.NSA) en “CIA” omvatten…..

Susan Rice: ‘I Leaked Nothing To Nobody’ About Intelligence (Exclusive) | Andrea Mitchell | MSNBC
Dus onder president Obama’s regime hadden de plaatsvervangende assistent-secretarissen van Defensie ook dagelijks toegang tot de PDB. Een voorbeeld van een plaatsvervangende assistent-secretaris van was Evelyn Farkas, van Defensie. Straks meer over haar.

Met tientallen mensen die toegang hebben tot het PDB van president Obama heeft Rice door het onthullen van namen binnen het inlichtingenproduct tientallen mensen rechtstreeks toegang verleend tot informatie van inlichtingendiensten – inclusief Obama-functionarissen die het PDB waarschijnlijk konden gebruiken voor specifieke en opzettelijke politieke doeleinden. Deze politieke uitkomst werd hoofdzakelijk bevestigd door Evelyn Farkas die een van de ontvangers was van deze informatie.

Als het House Intelligence Committee, of het Senate Intelligence Committee, als geheel – de dagelijkse briefing van de president wilden zien, dan zouden zij de individuele onderdelen van de individuele inlichtingendiensten moeten hebben, omdat de PDB niet voor hen was gemaakt; het was puur gemaakt voor het Office of The President.

Alleen de voorzitter en de leider van de minderheid van elk Intel-comité zouden naar het Witte Huis kunnen gaan om het eindproduct van de PDB in te zien. Weet u nog dat zij lid zijn van de Bende van Acht?

Dit is de reden dat Devin Nunes, die een lid is van de Bende van Acht, de inlichtingendienst-informatie moet opvragen van elk departement (NSA, DOJ, FBI etc.) teneinde het te kunnen delen met leden van het toezichthoudend comité. Nunes kan het “executive SCIF product” beoordelen, maar hij kan geen informatie im- of exporteren wat hij niet zelf gemaakt heeft.

Het Congressional SCIF (Sensitive Compartmented Information Facility) zou dan de “compartmented” informatie houden, na het verstrekken ervan aan de leden van het comité, om het onder strenge voorwaarden in te zien. De informatie wordt verwijderd/gewist nadat het is bekeken. Er zijn geen systemen aan verbonden – dus stand alone.

De luis in de Obama-pels: Devin Nunes
Uit onderzoek is gebleken dat in februari en maart 2017 voorzitter Devin Nunes, lid van de Bende van Acht, rapporrten met informatie van inlichtingendiensten heeft bekeken (waarschijnlijk PDB’s) die exclusief voor de voormalige president (Obama) waren samengesteld. Dat is dan ook de reden dat hij naar het Eisenhower Executive Office Building (EEOB) is gegaan om de Information Facility te bekijken.

De informatie zou geleverd worden aan daat SCIF systeem, om door hem te worden beoordeeld, of hoogst waarschijnlijk door de ODNI (Dan Coats) of de NSA (Mike Rogers). Nadat Nunes het zou hebben beoordeeld zou de informatie uit het SCIF systeem moeten worden verwijderd, (nogmaals: het is een stand alone systeem). Het is ook van belang te weten dat president Trump senator Dan Coats tot ODNI had benoemd op 5 januari 2017 – maar Democraten hebben die nominatie tegengehouden tot 16 maart 2017.

Het is dan ook geen toeval dat onmiddelijk nadat DNI Dan Coat die informatie had opgelepeld voorzitter Devin Nunes voor het eerst zijn zorgen bekendmaakte. Nadat Devin Nunes de informatie op 22 maart 2017 had bekeken, meldde hij dat de informatie (van inlichtingendiensten) die hij had gezien “niet gerelateerd was aan Rusland, noch aan het onderzoek door de FBI naar Russische contraspionage-activiteiten”.

De vooorzitter van het House Intelligence Committee Devin Nunes hield toen een korte persconferentie en verklaarde dat hij rapporten had gemaakt over informatie van inlichtingendiensten, die hem door niet met name genoemde bronnen waren verstrekt. Daartussen bevond zich ook “belangrijke informatie” over president-elect Trump en zijn transitie-team.

Kijk eens naar de volgende video:
lees verder via de link
Annotaties:
aanmelden / inloggen