Mythe 1: Industriële landbouw zal honger beëindigen

Honger treft zo'n 800 miljoen mensen. In India hebben 200 miljoen mensen iedere dag honger, in Brazilië 70 miljoen en ook in de Verenigde Staten worden 33 miljoen mensen gerekend tot 's werelds hongerlijders. Om de vier seconden sterft iemand op de wereld aan de gevolgen van ondervoeding.
Vaak wordt gezegd dat honger het gevolg is van een tekort aan voedsel in de wereld. Maar er is meer dan voldoende voedsel, óók in de landen waar honger heerst. Ieder jaar wordt voldoende tarwe, graan en rijst geproduceerd om elke wereldburger dagelijks van 3500 calorieën te voorzien. In feite wordt voldoende voedsel geproduceerd om iedereen dagelijks 2,5 pond graan, bonen en noten te verstrekken, één pond fruit en groenten, en nog een kleine pond aan vlees, melk en eieren.
Westerse agro-bedrijven hebben vruchtbare grond opgekocht voor de productie van gewassen die zijn bestemd voor de export - en zo gaat dat nog steeds. Wereldwijd zijn tientallen miljoenen boeren van hun land verjaagd, waardoor hun families en gemeenschappen in armoede zijn gestort en waardoor zij geen voedsel meer voor zichzelf konden produceren. Verjaagd van hun land zoeken families het geluk in de steden, waar ze veelal in sloppenwijken belanden en - áls ze al werk vinden - slecht betaald worden.
Niet alleen in de steden, maar ook in de landelijke gemeenschappen zorgt industriële landbouw voor armoede. Vanwege chemische toevoegingen, technologische uitvindingen en gepatenteerde zaden zijn de kosten voor boeren enorm gestegen, terwijl ze niet meer krijgen betaald voor hun producten. Veel boeren hebben dramatische schulden opgebouwd en in diverse landen is een opmerkelijk hoog aantal gevallen van zelfdoding onder boeren geconstateerd.
De multinationale ondernemingen die het land hebben overgenomen, produceren die gewassen die hoogste winsten opleveren. En dus wordt niet voedsel geproduceerd voor de mensen in de regio, maar gewassen als katoen, sojabonen, koffie en bloemen - inderdaad, voor de export. Basisvoedsel wordt verbouwd op minder vruchtbare grond en de honger neemt toe.
Tussen 1970 en 1990 - tijdens de opkomst van industriële landbouw - is in ieder land behalve China het aantal hongerige mensen gemiddeld toegenomen met elf procent. Om honger te bestrijden, zijn economische hervormingen nodig. Voedselonafhankelijkheid moet daarbij voorop staan. Dat betekent: herverdeling van land, productie voor eigen familie en gemeenschap en stimulering van duurzame en betaalbare landbouwmethoden.
Marco Visscher
Bron, Ode.




